Maki Ueda

  • Font size: Larger Smaller

Maki Ueda is geboren in Tokyo, Japan in 1974. Ze woont en werkt in Japan (Okinawa) en Nederland.

 Maki Ueda is een artiest die het zintuig geur verwerkt in kunst. Ze aanschouwt geur als het “nieuwe medium”. Vol vertrouwen dat minder visuele prikkels sterkere olfactorische ervaringen teweeg brengt, legt ze de nadruk op het olfactorische in plaats van het visuele aspect in haar werk. Als een artiest gebruikt ze vaak geuren als een code. De laatste jaren waren de sleutelwoorden “beweging” en “olfactisch”, met onderzoek naar omni-directionele olfactorische ervaringen en het navigeren met de neus in een ruimte (Olfactory Labyrinth en Olfactoscape).

 Maki Ueda heeft ook een unieke combinatie van chemische en keukenvaardigheden ontwikkeld om zo de geuren van het dagelijkse leven, inclusief eten, ambiente aroma’s en lichaamsgeuren te kunnen onttrekken. De resultaten van haar experimenten nemen de vorm aan van olfactorische installaties en workshops.

 Momenteel geeft ze les in olfactorische kunst aan de kunstwetenschappelijke interfaculteit van de Koninklijke Academie van Kunst en het Koninklijke Conservatorium Den Haag (NL).

Voor de tentoonstelling creëerde Maki Ueda de nieuwe olfactorische installatie 'The Juice of War – Hiroshima and Nagasaki' (2015)

Gelieve je hoofd in de bokaal/schaal te steken. Deze geur was manueel onttrokken van het sap van verbrand en rot vlees.

“Toen ik een kind was, had ik een plank met boeken van mijn moeder haar boeken in mijn kamer en een van deze boeken handelde over Hiroshima en Nagasaki. Binnenin vond ik foto’s van verbrande en rotte lichamen. Een veld vol met lichamen die niet langer leken op mensen. Het was midden in het zomerseizoen zodat de lichamen snel zouden ontbinden en dat vliegen eitjes zouden leggen waar ze maar konden.

De foto’s waren zo schokerend voor me dat ik nachtenlang bang was om te gaan slapen. Maar ik durfde mijn moeder niet vragen om dat boek uit mijn slaapkamer te halen omdat het niet respectvol leek naar de slachtoffers toe. Toen ik opgroeide keek ik hier en dan eens uit nieuwsgierigheid naar de nucleaire bombardementen en ik besefte dat ik beter met de angst om kon gaan. Uiteindelijk eindigde ik al slapend met dat boek totdat ik thuis wegging op de leeftijd van 17 jaar.

Doorheen de tijd had ik deze foto’s compleet vergeten. Maar toen ik aan het nadenken was over wat te tonen in het Kasteel De Lovie in Poperinge, realiseerde ik me dat deze de reden waren waarom ik aan niets anders kon denken dan aan de geur van rot vlees als in denk aan “the smell of war”. Met andere woorden, aan dit concept werken was tegelijkertijd graven in mijn herinneringen.

www.ueda.nl